maandag 20 augustus 2012

Joods

 
Toen Valentijn werd geboren had ik een loyaliteitsprobleem ten aanzien van mijn joodse moeder. Bibian was niet joods, ik wel; moest Valentijn besneden worden? Om toch iets met mijn joodse achtergrond te doen hadden we Valentijn al een tweede (joods klinkende) naam meegegeven: Jona. ‘Valentijn’ is natuurlijk zo katholiek als de pest.
Bibian was niet principieel tegen besnijden, maar zeker ook niet voor. Ze vond dat we met de huisarts moesten overleggen.
Die keek eerst naar mij. Hij begreep het wel; mijn jong gestorven joodse moeder die geëerd moest worden. Hij had haar goed gekend. Toen keek hij naar Bibian. Auw! Zei hij toen. Met een scherp mes een stukje van dat kleine piemeltje afsnijden. Hij sloeg de armen over elkaar. Moeilijk, moeilijk, zei hij toen.

Ik ben zelf pas besneden toen ik vijf jaar was. Mijn ouders gingen op dat moment voorgoed uit elkaar. Mijn moeder en ik zouden emigreren naar de jonge joodse staat Israel om daar te leren sinaasappels plukken en bomen planten. Mijn ouders hadden een grote crisis die – vermoed ik – mede werd veroorzaakt door het (her)ontdekken van de joodse identiteit van mijn moeder. Mijn vader was niet joods, vond verder alles best, maar wantrouwde ‘mannen in jurken’.
Mijn moeder – inmiddels joodser dan joods – had zelf eigenlijk ook alleen maar een joodse vader, de Hongaarse violist Nicholas Roth naar wie ik ben vernoemd. Haar moeder, de Oostenrijkse impressaria van het Budapester Trio waarmee mijn opa voor de oorlog furore maakte, was een goyse. Haar broers waren zelfs lid van ‘de partij’ geweest. Daarom werd mijn moeder niet zonder meer als jodin geaccepteerd en moest ze eerst ‘uitkomen’ voor ze lid mocht worden van de Liberaal Joodse Gemeente in Amsterdam. Een soort examen.
Van mijn besnijdenis herinner ik me weinig maar het heeft me geen trauma opgeleverd. Ik heb er geen last van, ben er eigenlijk wel tevreden mee. Ik vind zo’n ‘velletje’ er ook nooit zo charmant uitzien bij andere mannen.
Na drie en een halve maand hield mijn moeder het niet meer uit in de joodse heilstaat en keerden wij terug naar mijn dolgelukkige vader. Ik heb later ook nog Bar Mitzvah gedaan, en ben nog een aantal keer met mijn ouders op vakantie in Israel geweest.
Ben ik nu joods of niet? Is een vraag die ik mezelf wel heb gesteld. Volgens de hardliners niet, zoveel is me wel duidelijk geworden. Ik denk zelf van wel. Hoewel ik niet gelovig ben, voel ik me toch verbonden met de verhalen en de gebruiken uit mijn jeugd, en betrokken bij het wel en wee van het joodse volk. Mijn volk...
Valentijn hebben we toch maar niet laten besnijden. Bij Swip is het niet eens meer ter sprake gekomen.



6 opmerkingen:

  1. Het besef dat je het bent maakt dat je soms te pas en te onpas excuses voor jezelf hebt, herken je dat? En het is het meest onzichtbare anderszijn. Andere halfbloeden hebben bijna altijd een kleurtje. Heeft ook 'voor'- en 'nadelen'. Herkenbaar?
    Pam

    BeantwoordenVerwijderen
  2. hoe dan ook
    je bent het
    jood zijn
    zit in je hele wezen
    en so what
    dat je niet
    praktiserend ben
    en een velletje
    meer of minder
    daar zit het niet in
    zou zeggen
    je bent wie je bent
    en doe wat je prettig vindt
    of als prettig ervaart
    mazzeltov maar weer

    BeantwoordenVerwijderen
  3. praktiserend of niet
    lechaim
    (bovenstaand moet zijn ,bent, natuurlijk)

    BeantwoordenVerwijderen
  4. lo yi sa goy el goy cherev, lo yil me du od mil chama.
    lo yisa goy el goy cherev, lo yil me du od mil chama.

    BeantwoordenVerwijderen
  5. Joods zijn of niet zit niet in de mate van hoe religieus je bent. Het gaat om de nesjomme. Zelf ben ik niet (zo) religieus, maar ik voel me wel heel erg joods, :-). Ik noem het maar: jew-ish

    BeantwoordenVerwijderen